U bent nu hier: Om te lezen
Teksten
Rosemarijn Roes:
Dit boek is een vraag aan alle mensen die met kinderen te maken hebben,
om je veel meer open te stellen voor de diepe wijsheid die in alle
kinderen van deze "nieuwe tijd" leeft. Kinderen van deze "nieuwe tijd"
hebben reeds bij hun geboorte een hoog bewustzijn. Deze kinderen
ontvangen veel hulp van geestelijke begeleiders zowel voor als na hun
geboorte. De begeleiders helpen hen om zich bewust te blijven van de
opdracht die ze meenemen naar de aarde. Elk kind is zich tevens sterk
bewust van de kwaliteiten die hij of zij bij zich draagt om deze
opdracht vorm te geven.
De kinderen die jullie gegeven worden, komen met een bedoeling. Zij
komen om de liefde voor alle mensen bereikbaar te maken. Deze kinderen
kunnen allen, en wij willen met nadruk zeggen allen, beschouwd worden
als een geschenk. Verschillende mensen zullen zich afvragen hoe het dan
zit met kinderen die gewelddadig zijn, of aan de drugs zijn en ander
ogenschijnlijk niet liefdevol gedrag vertonen. Wij leggen er de nadruk
op dat met liefdevol niet alleen maar "lief" bedoeld wordt. Elke vorm
van gedrag die je raakt en die ervoor zorgt dat je meer teruggeworpen
wordt op jezelf, kun je zien als liefdevol. Een kind dat geweld naar
anderen of zichzelf gebruikt, "vraagt" aan je om te kijken naar je
eigen houding om zo te kunnen herkennen wat hij jou spiegelt.
Hoe meer je je af zult stemmen op wat het kind je geeft, des te meer
zul je te weten komen over jezelf. Elke ouder weet dat er een
liefdesband is tussen hem of haar en zijn of haar kind, maar niet elke
ouder kent het effect ervan.
Liefde werkt helend.
Liefde kan heel confronterend zijn.
Liefde roept ook vaak boosheid en angst op, omdat het zo moeilijk is om
de pijn van liefdeloosheid te voelen. Deze pijn wordt voelbaar op het
moment dat er liefde naar je toekomt. In elk kind is de immense kracht,
die liefde heet, nog ongeremd aanwezig. Krachten als boosheid en angst
kunnen juist door kinderen naar boven gehaald worden om je te helpen ze
onder ogen te zien.
Kinderen voelen heel direct wat er in je leeft, vaak nog voordat je het
zelf voelt. Hun gedrag kan je helpen bepaalde gevoelens naar boven te
brengen en zichtbaar te maken. Hiermee brengen ze een proces op gang
waarin je aandacht voor jezelf en voor je emoties kunt krijgen. Het
gaat er niet om welke houding het beste is tegenover je kinderen, het
gaat erom dat je je bewust wordt van deze houding. Dan kun je ook zien
dat je kind je heel veel geeft met het gedrag dat hij of zij vertoont,
hoe moeilijk en onmogelijk dit gedrag soms ook lijkt te zijn.
Je zult merken dat, wanneer je je meer opent hiervoor, je in contact
zult komen met alle waarden en normen die er in je leven.
Door hun gedrag zullen kinderen je steeds weer vragen om hier naar te
kijken, en zo helpen ze je om helder te krijgen welke waarden wezenlijk
stimulerend zijn voor henzelf en jou.
Het kind vraagt je om je oude ideeën los te laten en hem of
haar te volgen. Laat je eens een tijdje leiden door je kind, zet
daarnaast je eigen ervaring en intuïtie en kijk wat het je
brengt. Je zult diep in je hart geraakt worden door de wijsheid die
zich dan zal openbaren.
(Uit: Mama, luister je?
Wat je van je kind kunt leren –
Rosemarijn Roes, Uitgeverij Ankh-Hermes BV Deventer, 1996, ISBN
9789020281057).
Carla Muijsert-van Blitterswijk:
Als kinderen probleemgedrag laten zien, is het belangrijk om er
rekening mee te houden dat dit te maken kan hebben met hun bijzondere
gevoeligheid voor anderen. Als blijkt dat kinderen spiegelgedrag laten
zien, moeten zij worden ontzien en de omgeving haar
verantwoordelijkheid nemen. Dit gedrag heeft immers, behalve dat ze
hiermee uiting aan hun intuïtieve gevoelens geven, niets te
maken
met wie de kinderen zelf zijn. Het is uitsluitend bedoeld om anderen
meer bewust te laten worden van wie ze zijn…
Baby Wilma uit een eerder voorbeeld in dit hoofdstuk deed dit ook, maar
haar ouders trokken op tijd de verantwoordelijkheid naar zich toe.
Kinderen bij wie dit niet gebeurt, kunnen volledig in hun spiegelgedrag
vastlopen. Ze laten problemen zien, worden van therapeut naar therapeut
en van school naar school gesleept, maar niets helpt. Logisch, want de
werkelijke oorzaak blijft buiten beschouwing. Deze kinderen zitten al
snel gevangen in een negatieve spiraal. Ze gaan zelf in hun probleem
geloven, laten steeds vaker probleemgedrag zien en komen uiteindelijk
niet meer los van de rol die ze op zich hebben genomen.
(Uit: Positief
ouderschap - Carla Muijsert-van Blitterswijk, Uitgeverij
Ankh-Hermes BV Deventer, 2006, ISBN 9020285432).
Een
vriendelijk woord van een kind:
1. Verwen me niet. Ik weet best, dat ik
niet alles hoef te hebben wat ik vraag. Ik probeer je alleen maar uit.
2. Wees gerust flink tegen me. Dat vind
ik fijn, dan weet ik waar ik aan toe ben.
3. Gebruik geen kracht. Daarvan leer ik
alleen maar
dat alles om macht draait. Ik reageer veel gewilliger als je me gewoon
leidt.
4. Wees consequent. Anders breng je me in
de war en zal ik nog meer proberen om overal mijn zin in te krijgen.
5. Doe geen beloften die je niet na kunt
komen. Daardoor zal ik mijn vertrouwen in jou verliezen.
6. Ga niet in op mijn uitdagingen als ik
iets zeg of
doe om je van streek te maken. Anders zal ik nog meer
“overwinningen” proberen te halen.
7. Geef me niet het gevoel dat ik kleiner
ben dan ik
ben. Ik zal dat misschien goed proberen te maken door me stoer te
gedragen.
8. Besteed niet zoveel aandacht aan mijn
slechte Pgewoonten. Dat moedigt mij alleen maar aan om er mee
door te gaan.
9. Probeer niet mijn gedrag op het
hoogtepunt van het
conflict te bespreken. Mijn oren werken dan niet zo goed en mijn
bereidwilligheid is nog minder.
10. Geef me niet het gevoel dat mijn
fouten zonden zijn. Ik moet leren fouten te maken zonder een sul te
zijn.
11. Zeur niet! Als je dat wel doet, moet
ik mezelf in bescherming nemen door net te doen alsof ik doof ben.
12. Vergeet niet dat ik graag iets
probeer. Daar leer ik van. Leg je daar maar bij neer.
13. Bescherm me niet tegen de gevolgen.
Ik moet van mijn ervaringen leren.
14. Let niet zo erg op mijn kwaaltjes.
Als je dat wel
doet en er aandacht aan besteedt, ga ik ze misschien wel leuk vinden.
15. Doe niet alsof je zelf volmaakt bent
of onfeilbaar. Dat geeft mij een machteloos gevoel.
16. Maak je geen zorgen over de tijd die
we samen doorbrengen. Er gaat erom hoe we de tijd doorbrengen.
17. Maak je niet bezorgd over mijn
angsten. Dan word
ik nog banger. Laat me liever zien hoe moedig ik kan zijn.
18. Ik leer meer van een goed voorbeeld
dan van kritiek.
Huub Verlinden en Jes Jansen-van
Sprakelaar:
De enige die werkelijk in het hier en nu leeft, is het jonge kind, dat
nog heel primair, zonder enige rem, uiting geeft aan wat het ervaart.
Let wel: ook het kind is al voorgeprogrammeerd. Het draagt al het
stempel van de conceptie, van alle gevoelens vanuit de baarmoedertijd
en van de wereld waarin het leeft, in zich. Het kind heeft zich alleen
nog niet eigengemaakt om pijn, of bijvoorbeeld welbehagen, niet te
voelen, of niet uit te drukken. Bij het kind gaat het nog om puur
be-leven, en ook laten zien wat beleefd wordt.
Jouw beleving van vandaag heeft alles te maken met jouw keuze voor dit
leven en voor deze ouders. Je ouders "gaven" jou hun gevoelens, hun
pijn en vreugde, hun beleven; zij "gaven" jou hun manier van omgaan met
zichzelf, met jou en met anderen. Hun gevoelens, denken, handelen,
reageren en beoordelen werden JOUW gevoelens, denken, handelen,
reageren en beoordelen. Je BENT je ouders, al zou je daar nog zo hevig
tegen willen verzetten. (Je verzet tegen je ouders kan je in ieder
geval duidelijk maken, welk deel je van jezelf nog niet wilt zien of
aanvaarden.)
Je BENT dus je ouders. Jij gaat vandaag met anderen om, zo als zij jou
dat geleerd hebben. Jij gaat vandaag met jezelf om, zo als zij toen met
jou zijn omgegaan. Jouw gedrag kreeg hooguit een ander jasje: van
buiten ziet het er mogelijk anders uit, maar van binnen is het
hetzelfde. Wanneer je vanuit hun tekort bent opgevoed, leef je ieder
moment van gewoonte in dit tekort. Let wel: Nu is het JOUW tekort
geworden. Zij gaven jou met dit tekort precies datgene mee, wat jou
ooit moet aanzetten, om je op JOUW weg te begeven. Juist in dat tekort
ligt jouw persoonlijke sleutel naar jezelf.
(Uit: Ik heb moed ... te
ontmoeten - Huub Verlinden en Jes Jansen - van Sprakelaar, Uitgeverij
Marcos, 2001, ISBN 9080175250).
Paul Ferrini:
Wat voorwaardelijke liefde is heb je geleerd van mensen wier liefde
voor jou was aangetast door hun eigen schuldgevoelens en angsten. Zij
waren jouw rolmodellen. Daar hoef je je niet voor te schamen. Je hoeft
je alleen maar van dat gegeven bewust te zijn.
Vanaf je prille jeugd ben je erop geconditioneerd jezelf alleen maar
waarde toe te kennen wanneer men positief op je reageerde. Je hebt
geleerd dat je gevoel van eigenwaarde van buitenaf bepaald werd. Dat
was de fundamentele fout, die zich je hele leven lang heeft herhaald.
Voor je ouders gold hetzelfde.
Tijdens het genezingsproces leer je jezelf te waarderen zoals je bent,
hier en nu, zonder voorwaarden. Op die manier word je "herboren" of
"heropgevoed", niet door andere autoriteiten, maar door de Bron van
liefde in je eigen binnenste.
Dat kan niemand anders voor je doen. Men kan je bijstaan en
aanmoedigen, maar niemand kan je leren van jezelf te houden. Dat is de
taak van ieder mens op zich.
Het voelen van onvoorwaardelijke liefde begint in je eigen hart, niet
in dat van een ander. Leg aan de mate waarin je jezelf lief kunt hebben
niet de voorwaarde op dat een ander je moet kunnen liefhebben. Je
pogingen die liefde buiten jezelf te zoeken mislukken altijd, omdat je
niet van een ander kunt krijgen wat je jezelf niet gegeven hebt.
Je hebt het grootste deel van je leven de ideeën en meningen
van
anderen aanvaard als zijnde de waarheid over jou. Toch is wat je
moeder, vader, leraar, dominee over jou zei slechts hun mening. Helaas
internaliseer jij de feedback die je van anderen krijgt en ontwikkel je
op basis daarvan je zelfbeeld. Met andere woorden: jouw mening over
jezelf is niet gebaseerd op wat jij over jezelf weet en ontdekt, maar
op wat anderen je voorhouden.
Waar is dan, als je jouw mening en die van de ander vergelijkt, de
"echte" jij? De echte jij is de onbekende factor, de essentie die
stevig verpakt is in de oordelen en interpretaties over jezelf en je
bestaan die jij voor waar hebt aangenomen.
Dat geldt voor iedereen, niet alleen voor jou. Mensen verhouden zich
niet als authentieke, zelfverwerkelijkte wezens tot elkaar, maar als
personae, maskers, rollen, identiteiten. Vaak dragen mensen niet meer
dan een masker, afhankelijk van degene die bij hen is en wat er van hen
verwacht wordt.
Het ware Ik wordt tussen al die vermommingen vergeten en gaat verloren.
En zo wordt niet bewust erkend wat een enorm geschenk de uit dat Ik
voortkomende authenticiteit is.
(Uit: Ik ben de Poort -
Paul Ferrini - Uitgeverij Ankh Hermes b.v., Deventer, 2001, ISBN
9020282409).
Paul Ferrini
schrijft ook:
Relaties bieden je een intens spiritueel pad. Je partner is niet alleen
je vriend, je minnaar en je metgezel, maar ook je leermeester. Zij/hij
weerspiegelt al het mooie dat je in je hebt, maar ook al de angst, de
twijfels en de onzekerheden die diep in je ziel begraven
liggen…..
De angsten die in jou en je partner opkomen, stammen niet alleen uit
jullie onderlinge interacties. Ze zijn geworteld in de onbewuste
kwetsuren uit je kinderjaren. Het dwangmatige gedrag van jou en je
partner werd al op zeer jonge leeftijd aangeleerd als reactie op de
voorwaardelijke liefde van je ouders. Wanneer je vrede sluit met je
ouders en hen als gelijken aanvaardt, hoef je niet meer te veranderen
om aan hun verwachtingen te voldoen, en wil je evenmin dat zij
veranderen om aan de jouwe te voldoen. Dan houd je er mee op de lessen
uit je kindertijd te creëren in je intieme relaties.
(Uit: Ik ben de Poort -
Paul Ferrini - Uitgeverij Ankh Hermes b.v., Deventer, 2001, ISBN
9020282409).
Barbara
Ann Brennan –
Licht op de aura, Healing via
het menselijk energieveld, Uitgeverij J.H. Gottmer/H.J.W. Becht BV,
Haarlem, 1991, ISBN 902300731
Anodea Judith
–
Chakra
Werkboek, Uitgeverij Altamira-Becht, Haarlem, 1989, ISBN 9789069635033.